Uitkeringen

De overheid zorgt voor verschillende financiële steunmaatregelen om je te helpen in de behoeften van je kind te voorzien.

Moederschapsuitkering

Tijdens je moederschapsverlof heb je recht op een uitkering die door je ziekenfonds wordt betaald. Als werkneemster ontvang je de eerste 30 dagen 82% van je loon en vanaf de 31ste dag 75%. Voor die bedragen geldt een bovengrens. Dat is een vervangingsinkomen waarop je geen sociale bijdragen betaalt. Wie werkloos is, ontvangt zijn basisuitkering (60% van het begrensd loon), vermeerderd met 19,5% gedurende de eerste 30 dagen en met 15% vanaf de 31ste dag.

Kraamgeld

Deze uitkering wordt door het kinderbijslagfonds betaald. Je kan ze aanvragen vanaf de 6de zwangerschapsmaand en ze kan worden uitbetaald vanaf de 8ste maand. Voor een eerste kind ontvang je 1152,57 € en voor de volgende 867,17 €. Bij een meerlinggeboorte bedraagt het kraamgeld 1152,57 € per kind.

Geboortepremie

Dit is een cadeau van je ziekenfonds en het bedrag ervan schommelt rond de e 300. Om deze premie te krijgen, moet je binnen 30 dagen een geboorteattest (dat je van je gemeente krijgt) indienen en je baby inschrijven bij hetzelfde ziekenfonds.

Kinderbijslag

Om kinderbijslag te ontvangen, moet je het officiële geboorteattest indienen bij het kinderbijslagfonds dat je kraamgeld heeft betaald. Dat is het fonds van je werkgever (of je laatste werkgever als je werkloos bent). Is de vader werknemer of ambtenaar, dan heeft hij voorrang om het recht op kinderbijslag te openen. Is de moeder werkneemster of ambtenaar en de vader zelfstandige, dan heeft zij voorrang. Het bedrag dat je maandelijks ontvangt, is afhankelijk van je gezins- en beroepssituatie, het aantal kinderen, hun leeftijd en hun eventuele handicap. Normaal bedraagt de kinderbijslag 85,07 € voor een eerste kind, 157,41 € voor een tweede en 235,03 € voor een derde en de volgende. Je ontvangt deze bijslag tot het kind 18 jaar oud is of, onder bepaalde voorwaarden, tot zijn 25ste.

qui vous a octroyé l’allocation de naissance. Cette caisse est celle de votre employeur (ou de votre dernier employeur si vous êtes au chômage). Si le père est salarié ou fonctionnaire, c’est lui qui a la priorité pour ouvrir le droit aux allocations familiales. Si la mère est salariée ou fonctionnaire et le père indépendant, c’est elle qui a la priorité. Le montant que vous recevrez chaque mois dépend de votre situation familiale et professionnelle, du nombre d’enfants, de leur âge et de leur handicap éventuel. Les allocations ordinaires s’élèvent à : €85,07 pour le 1er enfant, €157,41 pour le 2e et €235,03 pour le 3e et les suivants. Elles sont versées jusqu’à ce que l’enfant ait 18 ans et jusqu’à ses 25 ans sous certaines conditions.

Word lid van De Roze Doos

Meer dan 800 euro voordelen, waaronder toegang tot al onze geschenkdozen !

Advantages