"Je hoeft je familie niet uit te leggen aan je kind"

Homoseksuele vaders en ouderschap

Voor een twee vaders is de weg naar het ouderschap niet zo makkelijk als het lijkt. Er zijn nog steeds heel wat obstakels te overwinnen. Wij interviewden Nomi van het Maison Arc-en-Ciel in Namen om meer te weten te komen over het dagelijkse leven en de ervaringen van homoseksuele vaders.

Hoe zit het met ouderlijke rollen bij een koppel van hetzelfde geslacht?

"België was een van de eerste landen die voor het homohuwelijk stemden, in 2003. Toegang tot co-ouderschap kwam er vervolgens in 2005. Zo konden koppels van hetzelfde geslacht een gezin stichten op een meer traditionele manier. Er waren voor die tijd ook homoseksuele ouders, maar die hadden niet dezelfde rechten als nu.”

“Het wettelijke kader voor ouderschap bij homokoppels heeft echter de normen en de visie van de maatschappij op ouderschap niet veranderd. Die is sterk gekoppeld aan de wet en die is gemodelleerd naar een heteroseksueel model. De rol van de LGTBQI+-gemeenschap is om de seksistische taakverdeling aan te vechten. Het is een strijd tegen het patriarchaat. Er is nog steeds sprake van marginalisering en het patriarchale systeem is nog niet omgedraaid.”

“We hebben het hier dus niet alleen over geslacht en sex, maar ook over opvoeding. In een koppel met twee vaders is de ouderlijke rol niet twee keer dezelfde. De ouderlijke rollen zijn verdeeld tussen twee mannen en toch wordt er vaak gevraagd: ‘Wie is de papa en wie is de mama’. Zelfs als dat bij sommige koppels op die manier verdeeld kan zijn, is het niet zo karikaturaal. Als het hebben over een koppel met twee vaders, heb ik de indruk dat het nog verwarring met zich meebrengt. Het is daarnaast ook meer dan alleen de rol van de vader die wordt gedupliceerd.”

“De collectieve verbeelding van het woord ‘vader’ is zeer geladen. Dat is iets heel belangrijks en het is heel moeilijk om tegen te vechten omdat het woord alleen al tonnen stereotypen oproept. Weinig vaders zullen zichzelf definiëren als een rolverdeling tussen twee mensen. Bij een homokoppel kan dat vragen oproepen.”

Hoe zien kinderen deze situatie?

"Kinderen groeien op volgens de normen van hun gezin. Je hoeft je familie niet uit te leggen aan je kind. Wat je moet uitleggen, afhankelijk van de leeftijd, is homofobie, transfobie, afwijzing of stigmatisering door anderen. Dat zijn lastige onderwerpen om met je kind te bespreken.”

“Het zou naïef zijn om te zeggen dat een kind niet zal lijden onder de homofobie, al dan niet indirect, tegen zijn twee vaders. Het zou naïef zijn te geloven dat er vandaag geen commentaar of stigmatisering meer is. In de klas van je kind is er de relatie met de school (de directie, de leerkrachten ...) en zijn er ook de andere leerlingen. Er is misschien homofobie door de school of op school. Er zijn ook de ouders van andere kinderen. Het is niet omdat het goed gaat op school dat je kind geen last kan hebben van homofobie als het de school verlaat, op ouderavonden of op verjaardagen. Zodra je als homokoppel aan het ouderschap begint, houdt de maatschappij je een spiegel voor, die van de samenleving met een heteroseksuele norm.”

“Dit kan ook tot uiting komen in de activiteiten die aan kinderen worden aangeboden. Je hebt Vaderdag en Moederdag, wat erg klassiek is. Maar ook als ze leren over hun familie, moeten ze soms een stamboom maken waar je enkel de voornamen onder moet zetten voor je vader en je moeder. Dat is al voorgekomen bij mensen dicht bij mij. Gezinnen die niet aan het standaardbeeld voldoen, worden zelden erkend. Dat is bijvoorbeeld ook het geval voor eenoudergezinnen. Bij ouders is het ook vaak hun legitimiteit die in twijfel wordt getrokken. Ze zeggen "de andere moeder" of "de andere vader". Alleen "de ander" zeggen is al ingewikkeld.”

Wat zijn de mogelijkheden voor ouderschap bij homokoppels?

"Er is adoptie. Voor homoparen gaat het vaak om binnenlandse adoptie. Landen die adoptie toestaan, staan bijna nooit een adoptie door twee vaders toe. Elk land heeft zeer strikte regels. Er zijn landen veel waar je hetero moet zijn om in aanmerking te komen. Er zijn dus maar weinig internationale mogelijkheden. Dat beperkt adoptie nogal. Op zich is het volgens de wet toegestaan, dus homoparen hebben nog steeds toegang tot adoptie, maar het is moeilijker.”

“Je kan ook een kind adopteren dat je kent. Je hebt bijvoorbeeld een alleenstaande vader die nu een relatie heeft met een andere man: hij kan dan het kind van zijn partner adopteren. We hebben vorige week ook iemand ontmoet van een pleeggezin. Dankzij de relatie met het kind door de jaren heen, kan je als homokoppel dat kind adopteren. Het is niet omdat de wet bestaat, dat het automatisch gemakkelijk is. Alleen omdat het is toegestaan, betekent niet dat het in de praktijk haalbaar is. Dat is het geval voor adoptie: het stigma en de vooroordelen zijn er nog steeds.”

“Er is de optie van draagmoederschap, maar die is niet gereguleerd. Het is een van de doelstellingen van de homobeweging om de regulering rond draagmoederschap te schetsen. Het is niet gemakkelijk, maar naar mijn mening: hoe beter het geregeld is, hoe beter het is voor iedereen. Want dan kan je ook echt rechten geven aan de persoon die het kind draagt.”

“Er zijn ook nog co-ouderschapnetwerken. Dat zijn bijvoorbeeld alleenstaande mannen die willen investeren in een ouderrol en die daarom een advertentie plaatsen op een co-ouderschapsnetwerk. Dat is geen gemakkelijk proces.”

Nomi wijst er ook op dat er nog andere mogelijkheden zijn, afhankelijk van het koppel. In het geval van lesbische koppels of koppels waarvan een of beide personen transseksueel zijn, zijn zwangerschap en ivf ook mogelijk.

Waar kunnen homokoppels terecht met vragen?

Nomi werkt bij Maison Arc-en-Ciel in Namur. Deze organisatie verenigt een aantal LGTBQI+-verenigingen in de provincie Namen. Ze werken aan de bewustmaking van LGTBQI+-gemeenschapskwesties. Er worden ook communautaire activiteiten georganiseerd. Ze bieden individuele steun aan mensen bij hun traject naar ouderschap of juridische procedures. Rainbowhouse heeft ook een algemene websitie voor beide landsdelen.

In Vlaanderen heb je verder ook nog ‘Wel Jong Niet Hetero’, voor jongeren die met vragen zitten of mee willen ijveren voor een inclusieve samenleving. Er zijn daarnaast ook twee federale instituten: UNIA en IEFH. UNIA kan hulp bieden in alle zaken betreffende discriminatie (b.v. tegen homoseksualiteit). IEFH is gespecialiseerd in gender- en trans-identiteitskwesties.

Word lid van De Roze Doos

Meer dan 800 euro voordelen, waaronder toegang tot al onze geschenkdozen !

Advantages